Hoogmade, oktober 2013

Hoogmade, oktober 2013

Liegen

Zeker mevrouw, ik ben een leugenaar, een dief en een nietsnut – wat u wilt. Ik pik flinterdunne, piepkleine rechthoekjes uit oceanen van beweging en breng ze in fracties van een seconde tot stilstand. Verreweg de meeste van die beelden gooi ik daarna weer weg. Ze willen wel wat, maar ze doen me niks. Aan de paar die overblijven heb ik me kennelijk gehecht of ze blijven aan me kleven. Ik geef er betekenis aan, in ieder geval tijdelijk, want er kan zomaar een dag komen dat ze alsnog in de prullenmand gaan. De blijvers, dat ben ik, klaar. En de betekenissen die ik er al dan niet in stilte aan meegeef, die hoeven vooral de uwe niet te zijn. Al vindt u ze helemaal niks, of vindt u er helemaal niets van, u bent in goed gezelschap.

Over liegen gesproken. Ik loop door Hoogmade. Ik ben daar beland zonder plan. Bij een bushalte zitten vier vrouwen, twee in het bushok, twee op de bank ernaast. Ze horen bij elkaar en ze wachten niet op de bus. Dat zie je zo. Ze waren aan de wandel, ook dat zie je zo, maar nu eten en drinken ze wat en straks gaan ze weer verder, links het beeld uit, want dat moet zo van hun wandelkaart. Maar eerst komt die kat. Die is zwart, een geschenk, want een zwarte kat die je pad kruist is heel wat anders dan zomaar een poes die door beeld loopt.

‘Goedemorgen dames, heeft u er bezwaar tegen dat ik wat foto’s maak van u en die kat erbij?’ Nee hoor. Kat is een poesje nog, speels en beweeglijk. Kijk eens hoe ik om mijn rug kan rollen. En van de bank springen kan ik ook. En kijk, zo lig ik languit. Eet u ondertussen rustig door en neem nog een appel, dan schurk ik nog even mijn flanken tegen een paal. Nou dag dan maar weer, mooie dag nog.

De fotograaf maakt zeven foto’s. Hij bewaart er maar een, de eerste die hij maakte. De rest, veel hechter geketend aan de luchtige realiteit van dat moment dan die eerste, de rest wordt gewist.